
Voorzichtig stap ik op het trapje naast de boot en steek mijn grote teen in het water. Oh, dat valt best mee. Het is ondertussen 12 mei en de temperatuur is al een paar weken erg aangenaam. Voor ons betekent aangenaam: korte broek, ook in de avonduren, niet te heet om activiteiten te ondernemen en niet te warm om goed te kunnen slapen en leven in de boot. Om het plaatje nog mooier te krijgen willen we natuurlijk ook een aangename watertemperatuur om er zonder veel terughoudendheid in te kunnen springen. En vandaag is he dan zover! Na de teen doop tel ik tot 3, haal diep adem en plons erin. Het is eigenlijk direct al lekker. Thomas heeft ruim een week geleden zijn debuut al gemaakt en lacht mij uit. Dat hij er toen 10 minuten over heeft gedaan om in het water te geraken, en in een poging zich langzaam tussen de scepterpoortjes van de reling door te laten zakken lelijk klem is komen te zitten, zal ik hem maar niet voorhouden. Gelukkig is hij er zonder kleerscheuren vanaf gekomen. Om maar gelijk in de zomerstemming te komen haal ik de shampoo, zeep mijn zoute haren in en spoel het uit met zout water. Na het zwemmen neem ik de dekdouche en spoel een keer met zoet water. Na het drogen voelt het zacht en schoon aan, daarmee zijn we weer een stapje verder met de waterspaarstand. We hebben 400 liter in de tank en proberen daar zeker 2 weken mee uit te komen en dat lukt tot nu toe prima. In nood kunnen we er veel langer mee doen maar dat hoeft nu niet. Met regelmaat doen we een haven of stadkade aan waar we de watertank kunnen vullen. Dit is Griekenland en het leven lijkt in veel opzichten al een stuk eenvoudiger dan in Italië.
In ons vorige blog gooiden we de lijnen los, na een lange winter in Licata, op weg naar Malta. Daar hebben we Luna op de kant laten zetten en ruim 10 dagen besteed aan het nodige onderhoud. Op het lijstje stonden 4 nieuwe afsluiters, 1 nieuwe huiddoorvoer voor het toilet, een laag antifouling, het poesten van de romp en schoonmaken van de schroef. De huiddoorvoeren zijn gaten onder de waterlijn van Luna en het is spannend geweest daarmee aan de slag te gaan. Het laatste wat we willen is dat er onderweg water in de boot komt. De reden dat we er nu aankomen is dat na een aantal jaren het zoute water de kwaliteit van de messingafsluiters kan aantasten en deze broos kan maken waardoor scheuren of breuken kunnen ontstaan. Van een aantal onderdelen kenden we de kwaliteit niet, één kwam van de bouwmarkt en om het zekere voor het onzekere te nemen kocht Thomas corrosieresistente onderdelen bij een goede watersportwinkel in Bremen die ze netjes via DHL afleverden op Sicilië. Het inbouwen deed hij vlot en probleemloos, de (theoretische) voorbereiding was zoals gewoonlijk uitstekend en dan weet Thomas precies hoe het moet! Kanjer! Soms twijfel ik aan mijzelf in deze acties maar ik weet dat wanneer Thomas iets doet dat het goed is.



Als de boot op de kant gezet wordt vragen wij de jongens van de kraan de boot niet volledig op de kiel te zetten maar wat ruimte te laten om de onderkant van de kiel te kunnen schoonmaken, inspecteren en van een aantal nieuwe lagen verf (primer en antifouling) te kunnen voorzien. Dat was een vooruitziende blik want aan de achterkant, onder de kiel vinden we een gat! Niet bedreigend voor inwateren van de boot maar wel op weg om het omhulsel van onze loden kiel langzaam te laten oplossen. We halen het rotte polyester weg, laten het drogen, vullen het op met schuim en 2 componentenpasta en werken het geheel af met epoxymatjes en een goede primer voor we er weer antifouling opsmeren. Ondertussen zijn we redelijk bedreven geworden in het dichten van gaten in de boot, we zijn niet meer voor een gat te vangen!
Omdat we samen met de Wahoo (Houkje en Henk) en de Muskat (Nils en Mayte) op de werf staan kunnen we om beurten bij elkaar borrelen, eten en spelletjes doen na een dag hard werken! Het leven op de werf wordt daardoor een stuk aangenamer. We wonen gewoon op de boot, met een lange ladder klimmen we aan boord, voor onze keukenafvoer is een plastic tank geleverd en er is gelukkig een redelijk schoon vrouwentoilet met douche in de loods. Na sluitingstijd smokkel ik Thomas daar naar binnen want de mannen hebben geen douche. De hoeveelheid stof en vuil die over de werf rondvliegt is enorm, in korte tijd is alles stoffig en donkergrijs, tot het beddengoed toe.






Drie dagen voor de geplande tewaterlating zijn we klaar met onze klussen. Tijd om Malta wat beter te leren kennen. Met de uitstekende busverbindingen op het eiland bezoeken we de Neolitische tempels van Hagar Qim, de prachtige stad Medina en Rabat en natuurlijk de indrukwekkende binnenstad van Valetta met zijn imposante gebouwen, forten en muren rondom de natuurlijke baaien. Het is zeker de moeite waard om Malta te leren kennen maar het is óntzettend druk! Toeristen van overal ter wereld komen in grote getalen na Malta, per vliegtuig of cruiseschip. Na de 4 dagen houden we het voor gezien. Luna gaat te water en we gaan terug naar Rinella Bay aan de zuidkant van de Grand Harbour. Na nog een dag stevige wind willen we nog één dag Valetta bezoeken voor we terug gaan richting Sicilië. Helaas worden we ‘s morgens door de Port Police uit de baai gestuurd. Dit keer geen filmopnames, er is een filmstudio in de buurt die een Maltese actieserie opneemt, maar de voorbereidingen voor een vuurwerkshow. Iets buiten de baai, achter een grote golfbreker, mogen we ons anker uitgooien maar omdat we hier zo onrustig liggen blijven we aan boord in plaats van een laatste rondje door de oude stad te maken. We zijn deze dagen weer herenigd met de Tara Blue (Niels en Marjan) en zoals vanouds zeilen we een paar dagen samen op. Zij zijn op de ‘terugweg’ naar Spanje om daar te beslissen wat hun volgen de doel is (Canarische eilanden?) en wij gaan richting Griekenland.



Samen vertrekken we van Malta voor een stevige dagtocht van 55 mijlen naar de zuidoostpunt van Sicilië. Al snel hebben we een aardige snelheid te pakken door een westelijke wind die dichter bij de Siciliaanse kust nog verder aantrekt. We reven 2 keer en komen met windstoten van boven de 30 knopen in een recordtijd aan in Porto Palo di Capo Passero. In deze prachtige, goed beschutte baai voor de heersende noordwestenwind gooien we ons anker in 6 m diepte waarna we meteen zo vast als een huis liggen. Biertje en maaltijd en we slapen als een roos. De wind valt weg, de boot heeft zich prima gehouden. Er zijn geen lekkages dus de reparaties zijn ook na deze oversteek goed gebleken, dat kunnen we nu echt loslaten. De volgende dag gaan we met een rustige zuidoostwind de kaap om en zeilen naar Siracusa, één van de mooiste, ontspannen zeildagen die we ooit gemaakt hebben. Er zijn geen golven, de wind duwt ons met een rustige snelheid van 4,5 knopen richting ons doel en omdat het maar 22 mijlen zijn is dat een prima snelheid. We worden ingehaald door een school van zeker 12 dolfijnen die onze liedjes zo leuk vinden dat ze een salto mortale naast de boot doen! Helaas hebben we daar geen foto van.





Siracusa is mooi! De natuurlijke baai een prima ankerplaats met een prachtig uitzicht op de stad waar we wandelingen maken en ons te vergapen aan prachtige gebouwen, kerken en huizen. Er is een wasserij waar we eindelijk onze smerige kleding kunnen wassen , een brillenwinkel waar mijn zonnebril nieuwe pootjes krijgt, en een bootonderdelenzaak voor een nieuwe hoofdschakelaar (de oude was doorgebrand). Verder vullen we de watertanks en de voorraden, nemen afscheid van de Tara Blue en voelen ons alleen als we na een kleine week de baai uitvaren voor de oversteek van 270 mijlen naar Griekenland!
We vertrekken met voorspellingen voor een rustige eerst dag en meer wind voor de tweede. Gedurende de eerste dag zeilen we de ochtend maar in de middag valt de wind weg en gaat de motor aan. We varen over een eindeloos blauwe, vlakke zee en zien weinig andere boten. Tegen de avond douchen we in de kuip, maken voor 2 dagen eten en brood en dan trekt de wind toch weer aan: we kunnen weer zeilen en houden dat gedurende een groot deel van de nacht vol. Tegen de ochtend gaat de motor weer een paar uur aan. We zien een zeeschildpad die ook op weg is naar Griekenland. 2 x landt er een uitgeputte vogel aan boord, maar lang blijven die niet. Verder alleen blauw en blauw, water en lucht. Op ons scherm zien we soms een boot op gepaste afstand, we zijn toch niet helemaal alleen. In de loop van de ochtend van de 2e dag trekt de wind dan definitief aan, uit noord, we hebben halve wind. Fijn omdat we daarmee goed vooruit komen, maar minder fijn dat zodra die boven de 20 knopen uitkomt ook de golven hoger worden en dwars tegen Luna aan bonken. Gelukkig houdt Poseidon zich aan de voorspelling en blaast ons gestaag met mooie snelheid naar Kefalonia. 48 uur na vertrek zien we land, hoewel we nog een paar uur te gaan hebben voelt het als of we er al zijn. 5 mijl voor aankomst valt de wind weg, langzaam tuffen we de laatste mijlen op de motor de diepe baai van Argostoli in. Na 275 mijlen en 52 uur laten we het anker zakken in de baai voor het dorp en begroeten de eerste zeeschildpadden. Tot onze verrassing en vreugde worden we verwelkomt door Mayte en Niels van de Muskat, zij waren een dag eerder vertrokken met bestemming Pylos maar werden door de wind naar Kefalonia gebracht. We slapen een lange siësta, eten en drinken en slapen 12 uur onze eerste Griekse nacht door. We zijn er, de vakantie kan beginnen!




Sailing Luna in Greece 😊

Geef een reactie op Erica Reactie annuleren